Dit kost een studerend kind

min. lezen
Dit kost een studerend kind

Wanneer je kind gaat studeren, verandert er veel. Niet alleen in zijn of haar leven, maar ook in dat van jou als ouder of begeleider. Misschien gaat je kind op kamers en verhuist hij of zij naar een andere stad. Wat betekent dat financieel gezien voor jou en je kind? En hoe vang je dat op? Daar gaan we het in deze blog over hebben. Want, wat kost een studerend kind?

Thuis- of uitwonend

Het verschil tussen thuiswonende studenten en studenten die op kamers gaan (in een andere stad) is wat betreft uitgaven groot. Wist je dat in schooljaar 2020/2021 49% van alle studenten bij hun ouder(s) woonden? Dat had voor een groot deel te maken met het leenstelsel. Gelukkig wordt dat in 2023 afgeschaft en komt de basisbeurs terug. Gaat je kind op kamers? Dan moet je rekening houden met de volgende kosten.

Uitgaven uitwonend

 
Huur kamer

De gemiddelde huurprijs voor een kamer verschilt per stad. Die prijs hangt af van de regio en de stad. Zo kun je je voorstellen dat een kamer in Amsterdam duurder is dan een kamer in Zwolle. Wil je meer weten over de gemiddelde kamerhuur per stad? Lees dan deze blog.

Hoe zit het dan met de woonlasten van een studerend kind op kamers? In collegejaar 2020/2021 lagen die kosten landelijk gemiddeld op 550 euro (inclusief de bijkomende lasten en vóór de aftrek van de huurtoeslag). Volgens het onderzoek van Rijksoverheid ligt dat bedrag na de huurtoeslag op 490 euro per maand. Of je kind recht heeft op huurtoeslag – en hoe hoog de huurtoeslag is – hangt af van het type woning. Huurders van één- en meerkamerwoningen krijgen vaak meer (of überhaupt) huurtoeslag ten opzichte van huurders van een kamer met gedeelde voorzieningen.

Inrichting

Afhankelijk van de grootte en het type kamer (sommige kamers zijn al ingericht en soms laten oud bewoners spullen achter die je kunt gebruiken), moet je in ieder geval een bed, bureau, bureaustoel, een lamp, een (kleding)kast, servies, handdoeken en een bank (als dat past) aanschaffen. Dit is het minimum. Gelukkig kun je het meeste ervan voor een goede prijs via Marktplaats of bij een kringloopwinkel kopen.

Verzekeringen

Als je kind op kamers gaat is het verstandig om in ieder geval een inboedelverzekering af te (laten) sluiten. Dat kost een aantal euro per maand. En ondanks dat er doorgaans niet veel van waarde in een studentenkamer ligt, kun je het maar beter doen. Het is erg vervelend als er iets gebeurd en je kind heeft geen laptop, boeken en kleren meer.

Overige kosten

Naast de woonkosten, zijn er natuurlijk nog andere kostenposten. Eén daarvan is het collegegeld of schoolgeld. College- of schoolgeld moet ieder jaar afgedragen worden, wil je kind kunnen studeren. De kosten voor een studie op hbo of universiteit liggen komend schooljaar op 2.209 euro voor bekostigde instellingen. De kosten van een mbo-opleiding liggen op 608 euro (in studiejaar 2021/2022). Dat kan in één keer vooruit betaald worden of in delen. Let wel op dat de (eerste) betaling gedaan moet zijn voordat het schooljaar begint. Anders mag je kind niet starten.

Na het betalen van het collegegeld moet er nog studieboeken aangeschaft worden. Die kosten liggen volgens het Nibud op 49 euro per maand.

Wat nog niet besproken is, zijn de kosten voor de zorgverzekering, kleding en schoenen en kosten voor ontspanning/ uitgaan en sport. Deze liggen maandelijks gemiddeld respectievelijk op 115 euro, 53 euro en 124 euro per maand.

Volgens het Nibud liggen de maandelijkse lasten van uitwonende studenten op 1.031 euro. Een thuiswonende student is volgens deze optelsom 605 euro per maand kwijt. Dat is als volgt opgebouwd:

studeerkosten-nibud

Budget en uitgaven

Wat moet een student dan kunnen besteden? Al met al zou een uitwonende student volgens Rijksoverheid in 2020/2021 1.065 euro te besteden moeten hebben. Dat zit in een bijbaantje, studiefinanciering, zorgtoeslag, eventuele huurtoeslag en een ouderbijdrage (daar komen we later op terug).

Als je de kosten van hierboven aftrekt van het nodige budget dat een student volgens Rijksoverheid zou moeten hebben, houdt je studerende kind 34 euro per maand over.

Een thuiswonende student zou volgens de de overheid in datzelfde jaar 665 euro te besteden moeten hebben en daarvan 60 euro overhouden. In beide gevallen zou je kind dus een klein beetje kunnen sparen. Het grote verschil zit in de woonlasten en de overige lasten, zoals boodschappen en uitgaan.

Dan de hamvraag: Wat kost een studerend kind gemiddeld per jaar? Thuiswonend: 7.500 euro, uitwonend: 14.880 euro

Wat kun je als ouder of begeleider doen?

Of je studerende kind thuis woont of niet, bepaalt dus voor een groot deel hoe hoog de kosten zijn. Het bepaalt ook hoe hoog de bijdrage van ouders/begeleiders zou moeten zijn volgens het rijk. Wanneer je kind op kamers zou gaan, verwacht de overheid namelijk dat je ouderbijdrage ongeveer jaarlijks op 4,840 euro (403,30 euro per maand) zou moeten zijn. Als je kind nog thuis woont, liggen de kosten lager. Die zijn te vergelijken met hoe het was voordat je kind ging studeren (op de studiekosten na).

Daarnaast is het volgens het Nibud goed om je kind te stimuleren zoveel mogelijk zelf te betalen, of je een bijdrage kunt leveren of niet. Wanneer je kind eigen inkomsten heeft, zorgt dat voor meer financieel besef en uiteindelijk tot meer financiële onafhankelijkheid.

Het hebben van eigen inkomen is voor jongeren vaak de beste manier om (een deel van) de lasten te betalen. Maar een studentenloon is vaak niet voldoende, en het is voor studenten verstandig om wekelijks niet meer dat 12 tot 15 uur te werken – anders kan de studie eronder lijden. Kun je dus een bijdrage leveren, denk er dan over na hoe je dat wilt doen. Dat kan bijvoorbeeld door het collegegeld te betalen, de boeken of een bijdrage te leveren aan de boodschappen. Hoe je dat doet is natuurlijk helemaal aan jou.

Toch is de een ouderbijdrage van 403,3 per maand voor sommige ouders een flinke smak geld. Voor de kinderen van ouders die dat niet kunnen betalen is er een aanvullende beurs op de studiefinanciering. Goed om te weten: onlangs is er een voorstel gedaan waarbij kinderen waarvan de het gezamenlijk inkomen van de ouders niet hoger is dan 70.000 euro recht hebben op een aanvullende beurs op de studiefinanciering. Dat zou kunnen oplopen tot 401,30 euro per maand.

Dan is er gelukkig nog de studiefinanciering die vanaf 2023 weer bestaat uit een basisbeurs in plaats van een lening. Daarnaast is er dus een aanvullende beurs en een ov kaart voor studenten. Dit wordt geregeld door de DUO. De basisbeurs is afhankelijk van of je kind thuis- of op kamers woont. Meer over de basisbeurs en studiefinanciering vind je hier.

Een studerend kind

Nu je weet wat een studerend kind ongeveer kost, ben je hopelijk niet afgeschrokken door de soms hoge bedragen. Gelukkig komt de basisbeurs weer terug. Want studeren is nog steeds een recht en zou geen voorrecht moeten zijn. Daarom is het goed om te weten wat je als ouders kunt doen en hoe je je kind(eren) zo goed mogelijk kun helpen.

Placeholder cta

Simpel in je inbox

Studiekeuzelab helpt je een studie kiezen.